Ziekte van Kawasaki Protocol UMCU-WKZ

Epidemiologie

De ziekte van Kawasaki (KS) is een acute vasculitis van de middelgrote vaten, waarbij het optreden van systemische inflammatie leidt tot de typische klinische presentatie.1 In tabel 2.3.1 staan de diagnostische criteria voor KS.

Tabel 2.3.1: diagnostische criteria ziekte van Kawasaki (AHA*, 2004)2

  1. ≥5 dagen persisterende hoge koorts
  2. Bilaterale non-purulente conjunctivitis kort na begin van de koorts
  3. Polymorf exantheem
  4. Veranderingen aan lippen/orale mucosa
    a. diffuus erytheem van oropharyngeale mucosa
    b. aardbeientong
    c. rode en droge, gebarsten lippen
  5. Veranderingen aan extremiteiten
    a. acuut: angio-oedeem van handen en voeten, erytheem handpalmen en voetzolen
    b. subacuut: periunguale vervelling, gegeneraliseerde vervelling
  6. Acute cervicale lymfadenopathie (>1,5 cm diameter)

De diagnose kan gesteld worden bij aanwezigheid van persisterende koorts (criterium 1) en ≥4 van de overige criteria

* AHA: American Heart Association

KS komt vooral voor bij jonge kinderen (80% is jonger dan 5 jaar met een piekincidentie rond 2 jaar) en heeft een man:vrouw ratio van 1,4:1.3 De hoogste incidenties worden gezien onder de Aziatische bevolking (vooral bij Japanners). De incidentie in Japan wordt geschat op 75-125:100.000 kinderen (<5 jaar) per jaar, terwijl een Amerikaanse studie met kinderen van Afrikaans-Amerikaanse, Latijns-Amerikaanse en Caucasische afkomst, incidenties meldt van respectievelijk 16,9; 11,1 en 9,1 per 100.000 kinderen (<5 jaar) per jaar.4 Broers en zussen van aangedane kinderen hebben een tien maal hoger risico op KS en bij kinderen van aangedane individuen wordt een twee maal hogere incidentie gevonden ten opzichte van de algemene populatie.1Deze observaties suggereren het bestaan van een genetische predispositie voor KS.

Klinische presentatie

Uit de diagnostische criteria kan men afleiden dat de huid een belangrijke plaats neemt in het ziekteproces. Huidafwijkingen worden zowel in de acute fase (gepaard met koorts) als in de subacute fase gezien.

Het polymorfe exantheem (85-90%) betreft een niet-specifiek, diffuus maculo-papulair beeld (soms met urticaria). Dit verschijnt op dag 1-5 na het begin van de koorts en wordt vooral gezien in de liezen, maar ook op de romp en extremiteiten. Na circa 1-7 dagen trekt het exantheem weg, waarna vervelling optreedt. Overigens wijst de benaming polymorf exantheem niet op een polymorf huidbeeld bij een individu, maar op het verschil in huidbeelden tussen aangedane individuen.3, 5

Er kunnen verschillende orofaryngeale veranderingen optreden (85-95%), waaronder rode, droge lippen met fissuren en eventueel korstvorming en bloedingen, diffuse hyperemie van de orofaryngeale mucosa en een aardbeientong. Deze afwijkingen verdwijnen meestal na 2 weken.3, 5

Daarnaast treden veranderingen op aan de extremiteiten (80-90%). Circa 2-5 dagen na het begin van de koorts ontstaat oedeem aan de dorsale zijde van de handen en voeten, waardoor kinderen soms kunnen klagen over pijn bij lopen. Daarnaast worden de handpalmen en voetzolen erythemateus. In de subacute fase (na 10-15 dagen) treedt periunguale vervelling op, vooral aan de toppen van de vingers en tenen. Dit kan zich verder uitbreiden naar de handen en voeten. Soms worden er na enkele weken transversale nagelgroeven gezien aan de vingers en tenen, ook wel Beau’s lijnen genoemd.3, 5

Pathogenese van de huidafwijkingen

De pathogenese van KS blijft nog onduidelijk. Waarschijnlijk leidt een infectieuze trigger bij genetisch gepredisponeerde individuen tot een verstoring van het immuunsysteem, waardoor een versterkte inflammatoire respons leidt tot vasculaire schade. Superantigenen (bacteriёle toxines) veroorzaken (niet-specifieke) T-cel activatie, die persisteert door uitschakeling van apoptose. Dit leidt op zijn beurt tot stimulatie van plasmacellen en secretie van inflammatoire cytokines en chemokines. De geactiveerde T-cellen binden zich bij voorkeur aan de coronaire vaatwand, met als gevolg vaatwandschade en vorming van aneurysmata.1, 5

KS wordt onder andere geassocieerd met polymorfisme in de genen voor cytokines TNF-α, IL-1β, IL-4, IL-8 en IL-10 en het gen voor inositol-1,4,5-trifosfaat 3-kinase C (ITPKC). ITPKC speelt een belangrijke rol bij de regulatie van T-cel activatie.1

Diagnostiek

De diagnose wordt gesteld op basis van de typische klinische presentatie. Er is geen specifieke diagnostische test beschikbaar voor KS. Het wordt aanbevolen om screenend bloedonderzoek te doen en een echocardiogram te maken.2

Bij een biopt van het polymorfe exantheem worden geen specifieke histologische veranderingen gezien: perivasculair infiltraat met lymfocyten en histiocyten, oedeem in de papillaire dermis en intercellulair oedeem in de basale cellaag. Er wordt geen vasculitis beeld gezien. 3

Therapie zie protocol UMCU-WKZ

Universitair Medisch Centrum Utrecht, Wilhelmina Kinderziekenhuis 

 

Referenties

  1. Yeung RSM. Kawasaki disease: update on pathogenesis. Curr Opin Rheumatol. 2010 Sep;22(5):551-60
  2. Kuo HC, Yang KD, Chang WC, Ger LP, Hsieh KS. Kawasaki Disease: An Update on Diagnosis and Treatment. Pediatr Neonatol 2012;53(1):4-11.
  3. Schachner LA, Hansen RC. Pediatric Dermatology. 4th ed. Mosby Elsevier; 2011.
  4. Gedelia A, Cuchacovich R. Systemic Vasculitis in Childhood. Curr Rheumatol Rep 2009;11(6):402-9.
  5. Paller AS, Mancini AJ. Hurwitz Clinical Pediatric Dermatology. 4th ed. Saunders Elsevier; 2011.