HIV

Ook bekend als:
Aids.  

Wat is hiv

Hiv is het virus dat aids veroorzaakt. Het hiv-virus zorgt ervoor dat het afweersysteem van het lichaam minder goed gaat werken. Na verloop van tijd kan het lichaam zich niet meer beschermen tegen bijvoorbeeld bacteriën en virussen en ontstaan er ernstige infecties. Op dat moment spreken we van aids. In Nederland zijn ongeveer 21.500 mensen besmet met hiv, waarvan een deel zich hier niet van bewust is.

Ontstaan

Het hiv-virus kan op verschillende manieren overgedragen worden. Meestal door onveilig vrijen, als de slijmvliezen in contact komen met vocht/sperma uit de vagina of penis van iemand die besmet is. Ook kan hiv via bloed worden overgedragen, bijvoorbeeld bij gebruik van besmette naalden. Als laatste kan een vrouw hiv tijdens de zwangerschap, bevalling of borstvoeding doorgeven aan het kind. In de dagelijkse omgang is er geen risico op besmetting. Hoesten, aanraken, uit hetzelfde kopje drinken of dezelfde wc bril gebruiken is geen probleem.

Symptomen

Iemand met hiv hoeft geen verschijnselen te hebben. Een deel van de mensen krijgt een aantal weken na de besmetting griepachtige verschijnselen (moe, hoofdpijn, spierpijn, koorts, keelpijn, opgezette klieren) en huiduitslag. Daarna kan het een aantal maanden tot vijftien jaar duren voordat er opnieuw klachten ontstaan. Het virus tast het afweersysteem van het lichaam aan. Uiteindelijk, wanneer de afweer sterk verzwakt is, kunnen zich ernstige infecties voordoen. Voorbeelden zijn vergeetachtigheid (dementie) en kanker. Verschillende huidverschijnselen kunnen gezien worden bij hiv-infectie, zoals een steeds terugkomende en moeilijk te behandelen koortslip. Ook wratten, seborroïsch eczeem, droogheid van de huid en verergering van bestaande huidziekten als psoriasis worden gezien. Ook kan een vorm van huidkanker ontstaan, het kaposisarcoom.

Behandeling

Genezing van een hiv-infectie is niet mogelijk. Wel kan de ontwikkeling van de ziekte worden geremd met ‘hiv-remmers’. Het starten van een behandeling gebeurt in overleg met een gespecialiseerde hiv-behandelaar. Zonder de behandeling wordt iemand met hiv sneller ziek en is de kans op overlijden groter. Het is belangrijk dat seksuele partners uit iemands leven, in elk geval alle partners vanaf de laatste bekende negatieve hiv-test, op de hoogte worden gebracht en zich ook laten testen op hiv.

Wat kan ik zelf?

Bel na een mogelijk besmetting, bijvoorbeeld na onveilige seks met iemand met hiv, meteen je arts of de GGD. Met een arts kan worden besproken of een PEP-behandeling zinvol is. Dit is een preventieve behandeling met hiv-remmers om een hiv-infectie te voorkomen na waarschijnlijke blootstelling aan hiv.

Door veilig te vrijen verklein je het risico op besmetting met hiv. Testen op hiv kan bij de huisarts, een soa-kliniek of bij de GGD. Het duurt tot drie maanden voordat in het bloed aantoonbaar is dat je besmet bent met hiv. Na een onveilig seksueel contact moet je dus drie maanden wachten met testen.